Voorzitter Stichting Dierenradar Saskia Van Rooy in de Libelle

657
Klik op de afbeelding om de tekst groter te kunnen zien en te kunnen lezen

Fantastisch dat de Libelle en journaliste Nienke Pleysier in een interview met Saskia Van Rooy, dierenarts/jurist en Voorzitter van Stichting Dierenradar, aandacht schonken aan haar jarenlange strijd tegen misstanden met dieren ten gevolge waarvan zij al jaren met geweld en agressie wordt geconfronteerd.
Saskia’s quote en levensmotto prijken op de voorpagina van de Libelle: “In je eentje kun je wél degelijk hét verschil maken!” Hartelijk dank Libelle en Nienke voor het interview, mede namens de lieve dieren!

Klik op de afbeeldingen om de pagina’s van de Libelle groter te kunnen zien en te kunnen lezen

De laatste versie van de tekst waaraan Saskia haar akkoord had gegeven bevatte enkele harde feiten, die kennelijk voor de redactie van Libelle te heftig waren om te laten staan en uit de tekst gehaald zijn. Voor degenen die dit wél willen lezen volgt hieronder alsnog de “unpolished” versie.

Saskia van Rooy (56) is dierenarts en jurist. Al tien jaar voert ze een compromisloze strijd om dieren en met name zwanen te beschermen. Een strijd die leidt tot mishandelingen, bedreigingen, achtervolgingen en intimidaties thuis. Met haar Stichting Dierenradar strijdt ze voor dieren in de rechtszaal.

‘Toen onlangs in de nacht een vermoorde zwanenbaby met een gebroken nek door twee mannen met bivakmutsen over het hek van mijn huis werd gegooid was een moment waarop ik serieus heb overwogen om uit de Krimpenerwaard weg te gaan. Om de jarenlange stroom van geweld en agressie aan mijn adres door jagers, zwanendrifters, boeren en hun sympathisanten te ontvluchten. Toen vorig jaar door het overlijden van mijn lieve vader mijn ouderlijk huis aan een bos in België te koop kwam, zei mijn moeder: ‘Gun het jezelf, koop het huis, kies eindelijk eens voor je eigen geluk en ga weg uit dat rotoord’. Maar ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om de zwanen en andere dieren in de Krimpenerwaard in de steek te laten. De gedachte aan de gruwelijke misstanden die ik hier bijna wekelijks met dieren opspoor, maakt dat ik blijf. Als ik hier niet voor ze opkom, wie doet het dan wel?

Ik word gedreven door liefde voor dieren en een diep gevoel van rechtvaardigheid. Als ik dat uitspreek, schiet ik vol, want zo is het echt. Die liefde voor dieren heeft er bij mij altijd al ingezeten. Ik groeide op in een huis aan het bos. Ik was altijd buiten in de natuur en met dieren bezig. Dat grote gevoel voor rechtvaardigheid is er met de paplepel ingegoten. Mijn vader was een bevlogen advocaat en plaatsvervangend kantonrechter, die mij leerde tegen onrecht op te staan. Later word ik dierenarts of advocaat, zei ik altijd. Uiteindelijk werd ik beide. Eerst dierenarts, en op latere leeftijd heb ik de studie rechten afgerond en als advocaat gewerkt. Ik kocht later een huis middenin de weilanden van de prachtige Krimpenerwaard. Ik dacht daar te kunnen genieten van de mooie natuur en de rust, maar het werd voor mij een oorlogsgebied. Daar kwam ik op het spoor van de grootste zwanenzwendel ooit. Ik ontdekte dat in de sloot rondom mijn huis van de ene op andere dag wilde ouderzwanen ineens een zwarte tatoeage op hun snavel hadden gekregen en dat de helft van de vleugels van hun jongen illegaal waren afgehakt. Ik begon honderden zwanenparen te volgen en filmen. Ik ontdekte dat zogenaamde zwanendrifters op grote schaal duizenden wilde zwanen illegaal zich toe-eigenden door daarvan illegaal de snavel te tatoeëren, de jongen te leewieken, de wilde zwanen illegaal te ringen en de slagpennen van de ouderzwanen uit het bot te trekken. De zwanendrifters verhandelden de wilde zwanen illegaal als siervogel, die op de wereldmarkt goud geld opbrengen. De NVWA, het ministerie en politie die ik benaderde deden niets met mijn meldingen en lieten de zwanendrifters ongemoeid door gaan met hun strafbare praktijken. Via via kwam ik uiteindelijk in contact met de Milieurecherche Utrecht, die ik vroeg om thuis mijn videobeelden te komen bekijken. Zij schrokken zich rot van mijn videobeelden, waarna de officier van justitie tot een geheim strafrechtelijk onderzoek naar de zwanendrifters overging. Tijdens het opsporen en filmen van de misstanden, werd ik meermalen door meerdere zwanendrifters mishandeld. Ik verkreeg landelijke bekendheid door tv-programma’s van EenVandaag, die mijn schokkende beelden over de misstanden met het zwanendriften en het geweld aan mijn adres uitzonden. Naar aanleiding daarvan besloot de staatssecretaris meteen om de ontheffing van de zwanendrifters in te trekken. Het leidde in 2017 tot een wettelijk verbod op het zwanendriften. Mede op grond van mijn videobeelden werden de zwanendrifters strafrechtelijk veroordeeld.

Daarna ben ik strafbare feiten met dieren door jagers in het veld gaan opsporen en filmen. Ik filmde dat illegaal de nekken van zwanen en ganzen werden gebroken, dat aangeschoten ganzen levend de grond in werden gestampt of werden doodgeslagen en dat beschermde vogelsoorten illegaal werden geschoten. Op jagers is amper tot geen controle in het veld door de provincie en politie. Ik voel mij daardoor genoodzaakt om mijn opsporingswerk voort te zetten, met geweld en agressie aan mijn adres als gevolg. Daarnaast strijd ik in de rechtszaal. Ik procedeer met mijn stichting Dierenradar tegen ontheffingen tot afschot en vergassing van dieren. Naast de dieren heb ik nog 1 andere passie: reizen. Maar zelfs op vakantie kan ik het niet laten om misstanden met dieren op te sporen en erachter aan te gaan. Toen ik in Borneo was, ontdekte ik dat er op een markt beschermde zeepaardjes en haaienvinnen werden verkocht. Ik heb diezelfde nacht de groothandelaar daarvan opgespoord en zijn winkel opgezocht. Ik heb dagen daarna door de bush en in gammele bootjes over zee gereisd om het eiland op te sporen waar de zeepaardjes en haaien gevangen werden. Niets doen is voor mij gewoon geen optie.

Hoewel de strijd eenzaam, gevaarlijk en uitputtend is, buig ik niet voor geweld dat tegen mij gericht is en ga ik door. Ik heb bewezen dat je alleen wel degelijk het verschil kunt maken en daaraan houd ik mijzelf vast. Als ik ’s avonds naar bed ga, wil ik mijzelf recht in de spiegel kunnen aankijken:‘
Heb ik er écht alles aan gedaan wat ik kon?’”